woensdag 18 maart 2015

Wanneer ben je geïntegreerd en geen allochtoon meer?

                                                                   


‘Allochtoon’ is een zelfstandig naamwoord geworden, dat ook los van zijn statistische achtergrond wordt gebruikt. Je kunt hier geboren zijn, van de derde generatie zijn die hier woont en een Nederlands paspoort hebben, maar toch allochtoon zijn gebleven. Ik gebruik de aanduiding ‘allochtoon’ nagenoeg automatisch en als vanzelfsprekend om iedereen aan te duiden die niet geïntegreerd is.

Wanneer ben je geïntegreerd? Daar schijnt onduidelijkheid over te zijn las ik laatst. Onder moslims schijnt er ook behoefte te zijn aan duidelijkheid. Ze willen erbij horen en hebben behoefte aan helderheid. Dat is te begrijpen. ‘Integratie’ is een onderwerp waarover onduidelijkheid blijft bestaan omdat het omstreden is.

Integratie wordt tegengewerkt
Landen van afkomst zoals Marokko en Turkije streven er naar om hun hier wonende onderdanen Marokkaans dan wel Turks te houden. Het dubbele paspoort helpt daarbij. Ook vanuit de islam wordt alles in het werk gesteld om mensen islamitisch te houden en de sociale controle in moslimgemeenschappen helpt daarbij. Islam staat integratie in de weg en werkt het bewust tegen. Islamideoloog Tariq Ramadan pleit voor een parallelle samenleving voor moslims die alleen voor zover onvermijdelijk economisch participeren in westerse samenlevingen. Politiek worden moslims gevangen gehouden in de in het Midden-Oosten levende conflicten en de door hun imams gepreekte afwijzing van westerse waarden die inferieur zouden zijn aan die van de islam. Het multiculturele overheidsbeleid heeft de segregatie alleen maar versterkt. Het valt voor een moslim of moslima dan ook niet mee om te integreren in de Nederlandse samenleving. Zonder conflicten met de eigen familie gaat dat als regel niet.

Verellendung
‘Verellendung’ is een begrip uit de marxistische theorie waarmee de marginalisering en verarming van groepen in de samenleving wordt aangeduid als gevolg van het kapitalistische economische systeem. Maar ook het tegenwerken van integratie zoals ik hierboven beschreef leidt tot ‘Verellendung’ omdat  integratie de belangrijkste weg is naar maatschappelijk succes. Het gebrek aan integratie belemmert kansen, leidt tot marginalisering, armoede en criminaliteit. Door het politiek correcte deel van Nederland en door islamitische voorlieden worden in dit verband oorzaak en gevolg nog al eens ontkend en omgedraaid. De bejegening van allochtonen door autochtonen zou de oorzaak zijn. Maar dat is eigenlijk gemakkelijk te weerleggen. Goed geïntegreerde moslims hebben als regel maatschappelijk succes. Ik vraag me daarom wel eens af of de ‘verellendung’ door de islam bewust wordt nagestreefd door integratie tegen te werken. ‘Verellendung’ is een kweekvijver voor opstandigheid.Islamisten zoals van de Moslim Broederschap, maken daar gebruik van.

Wanneer ben je geïntegreerd?
Het hameren op onderwijs om integratie te bevorderen zoals bijvoorbeeld D”66 doet, is weinig zinvol. De integratie onder de tweede en derde generatie, generaties die hier zijn geboren en volledig Nederlands onderwijs hebben genoten is slechts marginaal toegenomen. Als je moslims vraagt of ze willen dat het goed gaat met Nederland of dat het goed gaat met de islam, zal statistisch gezien zo’n 60 tot 70% er voor kiezen dat het goed gaat met de islam. Ze zullen hun gedrag daar op afstemmen. Het is een houding waarin integratie wordt afgewezen. Allochtonen die wel een houding kiezen die integratie mogelijk maakt krijgen te maken met afwijzing vanuit de eigen groep en lopen de kans geïsoleerd te raken. Als ze goed geïntegreerd zijn, is de kans op isolatie gering. Goede integratie heeft een aantal kenmerken:
1.     Nederlands is je eerste taal. Bij ‘allochtonen’ is Nederlands meestal de tweede taal omdat aan de thuistaal de voorkeur wordt gegeven. Als Nederlands niet je eerste taal is, levert dat een levenslange handicap op in het onderwijs en in het werk. Voor mensen die hier niet geboren zijn is dit natuurlijk een lastige opgave. Ik zie het als een taak voor ouders om hun kinderen met taal op het goede pad te zetten
2.     Een gemengd netwerk. Je netwerk bestaat niet alleen uit etnisch verwanten en geloofsgenoten. Je hebt ook autochtone vrienden, kennissen en relaties waarmee je actief omgaat. Je rekent op je netwerk en de leden van je netwerk kunnen op jou rekenen.
3.     Je maakt je eigen keuzes. Je kiest voor je eigen toekomst vanuit je eigen inzichten en belangen. Je laat je keuzes niet afhangen van wat je ouders, broers en zussen, ooms en tantes of buren vinden dat je moet kiezen.
4.     Je wilt dat het goed gaat met Nederland. Nederland is je bakermat die je kansen en mogelijkheden geeft. Je interesseert je voor de politiek en je gebruikt Nederlandse bronnen om je te informeren. Je gaat er van uit dat als het goed gaat met Nederland, het ook goed kan gaan met jou.
5.     Je begrijpt de Nederlandse cultuur. Je bent je bewust van de verschillen tussen je etnische cultuur en de Nederlandse cultuur en hun geschiedenis. Je begrijpt dat het delen van de Nederlandse cultuur je kansen op een geslaagd leven vergroot en het vasthouden aan de eigen etnische cultuur de slaagkans belemmert. Je ziet het je eigen maken van de Nederlandse cultuur als een verrijking.
6.     Je bent maatschappelijk actief. Je hebt rechten en plichten. Je zet je in voor zaken die van maatschappelijk belang zijn en je weegt deelbelangen af op het algemeen belang.
7.     Je relativeert religie. Als je gelooft, ben je moslim zoals autochtone Nederlanders katholiek of protestant zijn. Je respecteert andere religies. Je loopt niet te koop met je eigen religie, dringt anderen niets op en je verafschuwt religieus gemotiveerd geweld.
8.     Je wilt je kinderen kansen geven. In hun begeleiding naar volwassenheid maak je keuzes die hun slaagkans bevorderen. Nederlands is de thuistaal. Je brengt ze respect bij voor je afkomst, maar maakt ze duidelijk dat het leven in Nederland een andere houding vergt dan die in het land van je afkomst.
9.     Je bent niet etnisch bevooroordeeld. Je beoordeelt mensen op hun persoonlijke kwaliteiten en niet op hun afkomst, geaardheid of religie.
1    Je accepteert niet dat ze je nog een ‘allochtoon’ noemen. Als je geïntegreerd bent, ben je een autochtoon, iemand die zijn land liefheeft ongeacht zijn politieke of religieuze voorkeuren en ongeacht zijn afkomst..

Integreren gaat niet vanzelf, het vraagt om een bewuste keuze en inzet. Je kunt niet een beetje een Nederlander zijn. Je bent het, ongeacht je afkomst, helemaal of niet.
Nederland verkeert nog steeds in een post-multiculturele fase en is daarom nog aarzelend in het benoemen van de kenmerken van integratie. Toch moet die stap worden gezet en zal worden gezet. Integratie zal de komende jaren een belangrijk beleidsonderwerp worden. Integratie is ook het beste wapen tegen discriminatie

Iemand die niet geïntegreerd is, is van beperkte waarde voor de samenleving en mist kansen en mogelijkheden voor zijn eigen leven. Iemand die niet geïntegreerd is heeft geen redenen om te protesteren als hij blijvend ‘allochtoon’ wordt genoemd. En om het maar wat harder te stellen: een allochtoon is iemand die profiteert van wat de Nederlandse samenleving te bieden heeft, maar daar niets voor terug geeft. Wederzijdsheid ontbreekt. Zulke mensen zijn we eigenlijk  liever kwijt dan rijk en daar is niets mis mee.

Update
Het sociaal cultureel planbureau publiceerde op 16 december een studie over integratie. Een van de bevindingen was dat goed geïntegreerden gelukkiger en gezonder zijn. Ik vermoed dat dit mede het gevolg is van het zich bevrijden van knellende sociale banden die de vrijheid van denken en handelen beperken.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen